Ik voel me trots: ik heb het doorstaan!

Woensdag 5 juli

5.00 uur
De wekker gaat en ik ben meteen klaarwakker. Ik probeer nog even te blijven liggen, maar dat lukt niet echt. Ik moet eruit, vandaag is de dag! Martin eet een ontbijtje, ik moet nuchter blijven. M’n moeder komt rond half 6 uit bed om ons uit te zwaaien.
Om iets over half 6 zitten we in de auto, ik rij, op naar Groningen!

6.30 uur
We melden ons op de verpleegafdeling en worden naar een tweepersoonskamer gebracht, waar nog iemand ligt te slapen, nou ja… snurken! Ik krijg twee paracetamolletjes en dan kunnen we nog even wachten. Rond 7.00 uur trek ik mijn operatiehemd aan en wordt er nog even bloed geprikt.

7.15 uur
Vertrek van de afdeling. Met een kerngezond lijf word ik liggend vervoerd naar de OK. Raar hoor! Martin gaat nu naar huis. Ik wilde er niet zo’n groot moment van maken, maar merk dat ik toch even wat tranen weg slik. Ik hou me groot en word verder gereden. Niet lang daarna ben ik de eerste in de ‘wachtkamer’. Alles wordt nog een keer doorgenomen. Geboortedatum, allergieën enzovoort. Tegenover en naast mij liggen twee vrouwen te huilen van de spanning. Hoe langer ik moet wachten hoe emotioneler ik ook word, bah!

7.55 uur
Het is bijna drie kwartier later! Eindelijk komt de plastisch chirurg binnen met een team van de anesthesie. Ik ben blij dat er eindelijk tot actie over wordt gegaan. Ik word richting de OK gereden en iedereen die we tegenkomen draagt zo’n mutsje. Ze moeten lachen als ik vraag of ze elkaar zonder mutsje wel herkennen.
Ik kom weer in een wachtruimte terecht, waar ik nog weer even uit bed moet. De chirurg wil nog even een werktekening maken op mijn borsten. Bizar hoe dit voor hem gewoon dagelijkse kost is. Dan ga ik liggen op de operatietafel en rijden ze me naar binnen, waar ik word beplakt met verschillende stickers. Ik krijg een infuus en ze controleren alles voor de zoveelste keer. De oncoloog en de plastisch chirurg kijken samen nog even naar de werktekening en ik vind het prachtig om te zien hoe zakelijk ze hiermee omgaan. Dat geeft me vertrouwen. Dan krijg ik een zuurstofkapje op en starten ze het infuus. Vanaf dat moment merk ik niets meer.

14.00 uur
‘Mevrouw Dijkstra, u bent op de uitslaapkamer’. Ik ben meteen vrij alert en hoor alles wat er om me heen gebeurt. Ik heb pijn. De verpleegkundige is lief voor me en gaat een morfinepomp regelen. Ik voel me alleen, heb pijn en ben opgelucht. Ik huil.
Als de morfinepomp is aangesloten mag ik die zelf bedienen. Elke tien minuten kan ik op het knopje drukken en volgt er een nieuw ‘shot’. Het helpt vrij snel. Ik krijg nog een waterijsje en probeer nog wat te slapen, maar ik hoor alles van de andere patiënten en wil er weg.

15.15 uur
Ik mag terug naar de verpleegafdeling. Daar is het heerlijk rustig. Ik blijf af en toe op het pompje drukken en voel me high. Als ik tegen 16.00 uur vraag om mijn telefoon, zodat ik Martin kan bellen, komen Martin en zijn moeder al binnenlopen. Ik ben blij dat ze er zijn en praat honderduit in mijn morfine-high. Maar ik word moe en mijn geklets wordt minder. En als ze even weggaan om te eten val ik in slaap.

18.00 uur
Ik krijg een bord bami voorgezet. Het ziet er heerlijk uit, maar bah, die geur!!! Zo zonde, want ik had er zo’n zin in! Niet lang daarna nemen ze het maar weer mee. De kroepoek eet ik op, dat smaakt wel. Als Martin en z’n moeder weg zijn word ik steeds misselijker en het duurt niet lang tot ik alles eruit spuug. Dat lucht op…

Donderdag 6 juli

In de nacht doen de verpleegkundigen met regelmaat controles: bloeddruk, hartslag, temperatuur, infuus. Echt veel slapen doe ik niet. Ik heb een speciale beha aan met een band erover. Die moet ik de komende zes weken dragen, 24 uur per dag. Als ik ‘s nachts even ga verliggen voel ik nattigheid: één van de wonden bloed. De verpleegkundige maakt alles schoon en verbindt het opnieuw en stelt me gerust: dit hoort erbij. Ik ben klaarwakker en zet Spotify aan, even een fijn muziekje.

6.00 uur
Ik heb nog even geslapen, maar nu lukt het niet meer. Het is licht en ik heb honger. Als ik rond 8.00 uur twee boterhammen krijg, val ik er op aan, lekker!

9.00 uur
De plastisch chirurg komt even op visite en bekijkt de wonden. Hij zegt dat het er goed uitziet en dat het soepel aanvoelt. Ik heb nog een paar vragen aan hem: Ik had drains verwacht, maar die heb ik niet… Hij vertelt dat hij dat bijna nooit doet. Dat er geen enkel onderzoek is dat aantoont dat dat beter is voor het herstel. Je lichaam breekt het vocht wel af. En het geeft meer comfort zonder drains.
Ook wil ik weten hoeveel het weefsel weegt, dat ze eruit gehaald hebben. Tja, ik hou van zulke feitjes. Bijna 600 gram per borst! En nu zit er per borst weer 125 cc zoutwater in. De chirurg vindt dat het goed gaat en zegt dat vandaag naar huis gaan wel heel snel zou zijn, maar morgen, vrijdag, kan het wel. Fijn!

10.00 uur
Fris gewassen en in een nieuw pyjamaatje lig ik, zonder infuus en katheter in een schoon bed, op te schrijven hoe ik het heb beleefd. Ik ben blij en opgelucht dat dit achter de rug is. Nu vooruit. Ik voel me trots: ik heb het doorstaan!

 

Een gedachte over “Ik voel me trots: ik heb het doorstaan!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *